‘Wat is dat lied van ijs en vuur?’ vraagt Daenerys Targaryen tegen het einde van het boek aan Ser Jorah Mormont. ‘Geen lied dat ik ooit heb gehoord‘, is zijn antwoord. Halverwege De strijd der koningen bekroop mij dezelfde vraag. Waar gaat het eigenlijk over? Wat is het lied van ijs en vuur, waar gaat het eigenlijk om? Bij de Lord of the rings, of het Rad des tijds om een ander voorbeeld te noemen, is het duidelijk. Er is een kwaad dat de wereld zijn wil op wil leggen, en een groep helden die dat wil voorkomen. Maar wat is het overkoepelende verhaal van Het lied van ijs en vuur? Na lezing van De strijd der koningen is het mij niet veel duidelijker geworden.
Het maakt De strijd der koningen echter niet tot een slecht boek, verre van dat zelfs. Nieuwe stemmen die het verhaal vertellen, Ser Davos Zeewaard, de uienridder aan het hof van Stannis, en Theon Grauwvreugd, rauwe, onverbloemde taal: ‘Als je naakt naast een lelijke vrouw belandt, heb ik eens tegen Ned Stark gezegd, kun je alleen maar je ogen sluiten en gewoon je gang gaan.’ En een ongelofelijke hoeveelheid namen en personages. Zo is er een zeeslag bij Koningslanding waar het niet alleen pijlen, potten brandende pek en stenen regent, maar ook tientallen namen van de deelnemende boten aan beide zijden.
Maar bovenal zijn het de, soms op het krankzinnige af (ik was echt stomverbaasd toen Renling Baratheon overleed), plotwendingen die dit boek, deze serie boeken, zulk aangenaam leesvoer maken.
(George R.R. Martin – De strijd der koningen)