De dood is niet het einde

Een inspecteur Rebus novelle dit keer. Het nawoord van Ian Rankin bevestigd enigszins het vermoeden dat dit soort verhalen slechts opzetjes tot een complete roman zijn. Het thema “verdwijningen” uit De dood is niet het einde vormt uiteindelijk een subplot in de eerstvolgende Rebus roman Dode zielen.

De dood is niet het einde is plezierig vermaak voor een zondagmiddag, en meer moet je ook niet verwachten voor twee en een halve euro.

(Ian Rankin – De dood is niet het einde)

Het mooiste leeft in doodsgevaar

Non in de trein

Eind juli bezocht ik de overzichtstentoonstelling “Het mooiste leeft in doodsgevaar” over het werk van beeldend kunstenaar en dichter Christiaan J. van Geel. Gelijk met die overzichtstentoonstelling verscheen ook een door Willem Jan Otten samengestelde en ingeleide bloemlezing onder dezelfde titel bij Van Oorschot. Behalve een prima inleiding heeft Otten ook voor een verrassende samenhang gekozen, niet chronologisch of thematisch, maar als een werkdag van de dichter. Van binnen naar buiten, de avond valt, de seizoenen veranderen. Poëtisch en prachtig samenhangend.

(Chr. J. van Geel – Het mooiste leeft in doodsgevaar)

Veranderend licht

Deel 2 uit de serie Bekroond Europa. Veranderend licht van Jens Christian Grøndahl werd bekroond met de BG Banks Litteraturpris 2003. Een meester in het ontleden van ons gevoelsleven, volgens de achterflap, en de vorige week overleden Michael Zeeman wordt gequote ‘Grøndahl lezen is telkens opveren, getroffen door zijn formuleringen.’ Het klopt wel, Grøndahl is inderdaad een meester waar het gevoelens betreft, helder, raak en herkenbaar. Maar tegelijkertijd blijft het allemaal wat afstandelijk, raak ik nergens betrokken bij de personages.

(Jens Christian Grøndahl – Veranderend licht)

Ik ben niet bang

Aangestoken door de voorliefde van Jeroen voor Italiaanse schrijvers, en eerdere goeie ervaringen dit jaar met Paolo Giordano en Luigi Pirandello besluit ik nog maar eens een Italiaan te gaan lezen. Een frisse cover, met mooi blauw, doet mij Ik ben niet bang van Niccolò Ammaniti kiezen. Het boek werd bekroond met de Premio Viareggio-Repaci, de verfilming met een Oscar (volgens uitgeverij Lebowski, de werkelijkheid is dat de film wel werd ingezonden, maar uiteindelijk niet genomineerd werd).

Als je de (nietszeggende) quotes op de cover moet geloven is Niccolò Ammaniti minstens net zo goed als, zo niet beter dan, Haruki Murakami, maar dat is aan Ik ben niet bang niet te merken. Ik ben niet bang is prima vermaak, maar niet meer dan dat.

(Niccolò Ammaniti – Ik ben niet bang)

Het volle leven

Waar ik mij het meest over verbaas tijdens het lezen van Het volle leven is schrijver Alexander McCall Smith. Waarom schrijft een Schot, die les geeft in medisch recht, over traditionele vrouwen in Botswana? Goed, hij is geboren in Rhodesië, het huidige Zimbabwe, en heeft ook les gegeven aan de universiteit van Botswana, maar toch. Het volle leven is een, in mijn ogen, typisch vrouwen boek. Mma Ramotswe is privé detective, maar zaken worden vooral opgelost door een babbeltje hier en daar onder het genot van een kopje rooibosthee.
Echt eigen wordt je ook niet met de karakters, door het constante Mma voor de dames, en het Mr. voor de heren. Met hoofdfiguren die constant beschreven wordt als Mma Ramotswe en Mr. J.L.B. Matekoni is het moeilijk vereenzelvigen.
Ondanks dat is het best vermakelijke lectuur, maar blijft de gedachte: “wat een watje, die Alexander McCall Smith“.

(Alexander McCall Smith – Het volle leven)