Hart der duisternis

Ik schreef een kleine twee jaar geleden al dat Hart der duisternis een boek is om te herlezen en nu ik dat gedaan heb zeg ik dat opnieuw. En een volgende keer misschien eens in het Engels omdat hoe goed de vertaling van Bas Heijne ook is er zinnen zijn die je in het Engels wilt lezen. De befaamde woorden van Kurtz “The horror! The horror!” bijvoorbeeld, even later gevolgd door de bootsjongen met zijn “Mistah Kurtz, he dead”.

Een of ander beeld, een of ander visioen, deed hem fluisterend een kreet slaken – hij schreeuwde het tot twee keer toe uit, een schreeuw die niet meer was dan een ademtocht: “Afgrijselijk! Zo afgrijselijk!”

(Joseph Conrad – Hart der duisternis)

Kluis 21

Een boek wegleggen omdat het te spannend is is goed maar zodra je een boek zo af en toe weglegt omdat je eigenlijk niet verder wil lezen hoe mensen met elkaar omgaan kan je je afvragen of er nog sprake is van ontspannende literatuur. Zoals het een goeie Zweedse crimi beaamt is er in Kluis 21 van het duo Anders Roslund en Börge Hellström ruim aandacht voor allerlei sociale misstanden. Prostitutie, vrouwenhandel, trafficing in dit geval. Net als bij de Millennium trilogie van Stieg Larsson. Maar waar dat bij Larsson vooral een kapstok was om een spannend verhaal te vertellen is het bij Roslund & Hellström eerder andersom: een spannend verhaal als kapstok voor de afschuwelijke waarheid.

‘Schaamte vreet aan je. De schaamte drijft hen allemaal. We zouden geen jacht moeten maken op misdadigers, maar op de schaamte die de misdadigers drijft.’

Roslund & Hellström schrijven over die schaamte en weten bij de lezer een plaatsvervangende schaamte op te roepen. Een goed boek, maar niet geschikt als vakantie literatuur.

(Roslund & Hellström – Kluis 21)

De 90 bekendste boeken voor mensen met haast

Bekende boeken samenvatten zodat iedereen er over mee kan praten lijkt een trend te zijn de laatste tijd. Zo verscheen recent een bundel twitterature, 75 klassiekers in maximaal 140 karakters. En nu dus De 90 bekendste boeken voor mensen met haast van de Zweedse striptekenaar Henrik Lange. In telkens 4 plaatjes herverteld hij op hilarische wijze de bekende klassiekers en enkele verrassende titels als Het beste damesdetectivebureau van Alexander McCall Smith, First blood van David Morrell (nooit geweten dat dat een boek was, en dat het slot van de film zodanig afwijkt dat er vele sequels zouden volgen) of De stam van de holenbeer van Jean M. Auel. De boeken die ik gelezen heb zijn herkenbaar en vermakelijk samengevat, van de boeken die ik niet gelezen heb wordt voldoende verteld om mee te kunnen praten en nieuwsgierig te maken zonder dat het plot verraden wordt.

Wonderlijk genoeg luidt de originele titel 80 romaner för dig som har bråttom en je hoeft geen Zweeds te kunnen lezen om in te zien dat er in vertaling 10 boeken bij gekomen zijn. Of dat werkelijk zo is heb ik niet nageteld.

Natuurlijk had ik op deze wijze de 999 challenge moeten vervullen, dan was ik nu klaar geweest.

(Henrik Lange – De 90 bekendste boeken voor mensen met haast)

De bovenbazen

Een Bommelse kijk op de kredietcrisis belooft De bovenbazen van Marten Toonder te zijn. En inderdaad blijkt het verhaal uit 1963 opvallend veel overeenkomsten te hebben met, bijvoorbeeld, de val van de DSB. Het voorwoord van Willem Middelkoop verduidelijkt een en ander nog eens, hoewel ik het (gelukkig maar) als nawoord las. Middelkoop verklapt net iets teveel over het verhaal dat volgt.

Wat een genot toch weer om weer eens wat van Toonder te lezen. Genieten van taalvondsten. De bovenbazen als die paar mensen die altijd maar weer de touwtjes in handen hebben, en heer Bommel die bijna per ongeluk baas bovenbazen dreigt te worden. Alleen het einde is, zoals vaker bij Toonder wat onverwacht annex afgeraffeld.

Deze crisiseditie doet in een ander opzicht zijn naam eer aan. Niet het onderwerp van het verhaal, noch het voorwoord maken dit een crisiseditie maar de uitgave zelf. De plaatjes, bij Toonder toch minstens zo belangrijk als het verhaal zelf, zijn tot een marginaal minimum verkleint en de bladzijden zelf zijn ook niet al te netjes gesneden. Jammer dat daar niet iets meer aandacht aan besteed is.

(Marten Toonder – De bovenbazen)