De langverwachte

Alsof hij vast een voorschot neemt op de prijs die hij zou gaan winnen:

Een vreemde schrijver had een Nederlandse prijs gewonnen, en Driss Ajoeb ging de radio bellen om zijn beklag te doen. Het voelde alsof iemand de bakstenen van zijn huis had gepikt, er zijn eigen huis mee had gebouwd en daar nu flink mee aan het pronken was. Ze zeiden dat hij een Marokkaan was, een jonge Marokkaan die als hij een pen vastpakte veranderde in een Hollandse kameleon en alles wat op zijn weg kwam in het Hollands opschreef. Driss had nooit gedacht dat Nederlands een taal was waarin je überhaupt iets kon opschrijven dat verder ging dan het draadjesvlees van de bureaucratie.

Een ballenbad met een daarin een kind. Daar deed De langverwachte van Abdelkader Benali, winnaar van de Libris literatuurprijs 2003, nog het meest aan denken. Het kind, een ongeboren kind, is de verteller van het verhaal, de ballen zijn alle personages die in het verhaal voorkomen. Pappa bal en mama bal zijn favoriete speeltjes, andere ballen worden slechts een enkele keer opgepakt en weer weggegooid. Werkelijk alles heeft een stem in dit boek, zelfs de verschillende gangen van het kerstdiner. Dat een sprekend 5 gangen diner niet storend werkt, is dan weer de kunst van de schrijver, die dus inderdaad zodra hij een pen vastpakt veranderd in een Hollandse kameleon en alles wat op zijn weg komt in het Hollands opschrijft.

Het boek is taai, net als het eerste boek van Benali. Lange zinnen, en dan is het alsof Benali helemaal niet die kameleon is, maar eerder een man van een volk dat het schrift nog maar net heeft uitgevonden, geschreven zoals je spreekt, zittend op een kleed, met ademloos luisterende mensen om hem heen. En dan onverwacht Immortelle XLIX van Piet Paaltjens citeren. Abdelkader Benali is een Kantara tussen twee culturen en verdient het alleen daarom al om gelezen te worden.

(Abdelkader Benali – De langverwachte)

Amsterdam

‘Ach,’ zuchte hij tenslotte. ‘De Nederlanders met hun redelijke wetgeving.’
‘Juist,’ zei Garmony. ‘Wat redelijkheid aangaat, maken ze het echt te gek.’

Zowel met Boetekleed als met Zaterdag heb ik wel eens in mijn handen gestaan, maar het kwam er nooit van. Nu wel met Amsterdam, dankzij de Volkskrant, die het als eerste deel in de serie Bekroond Europa presenteert: De reeks bestaat uit tien boeken die in het laatste decennium de belangrijkste literaire prijs van hun land hebben gekregen.
Amsterdam kreeg in 1998 the Man Bookerprize, en dat is sowieso een prijs die met regelmaat mooie boeken bekroond, denk aan Het Leven van Pi, denk aan Weg der geesten. En ook het boek dat dit jaar gewonnen heeft, the Sea van John Banville, vraagt om lezing.
Ian McEwan stelt met Amsterdam niet teleur. In de analyse stelt Hans Bouman dan wel dat je het einde zowel kundig als gekunsteld kunt noemen, en dat het daarom niet het hoogtepunt van McEwans oeuvre is, ik vond het een puntgave roman die alleen maar doet verlangen naar meer van deze schrijver.

(Ian McEwan – Amsterdam)

Een reeks reeksen

Na de Nobelprijsbibliotheek en de Leeslijst brengt de Volkskrant (en ow ja, uitgeverij Meulenhoff) vanaf morgen Bekroond Europa: tien boeken die in het laatste decennium de belangrijkste literaire prijs van hun land hebben gekregen.

Het Parool begint morgen met de serie De bibliotheek van verboden boeken: tien boeken die u eigenlijk niet zou mogen lezen.

En AKO brengt de AKO Literatuurprijs reeks: een unieke serie waarin de klassiekers uit de Nederlandse literatuur van de laatste twintig jaar verschijnen in een spotgoedkope uitvoering. De toevoeging van het jury rapport maakt de AKO reeks het meest interessant, nu maar hopen dat Fantoompijn en/of De Asielzoeker van Arnon Grunberg in de reeks wordt opgenomen.

Rest de vraag of er ook lezers zijn die zo’n complete reeks aanschaffen.