Heldere hemel

Heldere hemelHet boekenweekgeschenk van 2012. Voor de tweede maal in de geschiedenis, na Salman Rushdie, een buitenlandse auteur die het geschenk schrijft. Maar aan dat feit wordt weinig aandacht besteed. (Kader Abdolah zie ik toch als een Nederlandse auteur, weliswaar van buitenlandse afkomst.)

Afgaande op het verhaal zou je denken dat het thema van deze boekenweek geschiedenis is, maar dat was het thema van 2005. Vriendschap, het thema van dit jaar, is eigenlijk niet verwerkt. Maar daar is niets nieuws mee gezegd.

De verhaallijn van Vera boeit genoeg, de verhaallijnen over de krant en de situation room zijn er bij gehaald voor de chronologie maar voegen verder weinig toe.

En weer een verhaal over een echtscheiding. Lezen is genieten van andermans leed.

(Tom Lanoye – Heldere hemel)

De kraai

BoekenweekboekjesHet boekenweekgeschenk van 2011.

Wonderlijk hoe het vorige boek dat je las door kan spelen in het volgende. Na alle avonturen met de Klatsiekers in Houzee!, waar onder andere een ambassade in de fik vliegt, is het een rare overschakeling naar het Iran van 1979 en de gijzeling van de Amerikaanse ambassade in Teheran. Ergens verwachte ik dat de hoofdpersoon van De kraai zijn stoethaspelagenda “Bingelebingeltje Piep” zou horen zeggen.

Echt lovend is De kraai niet ontvangen door de schrijvende pers. “Kader Abdolah schrijft op het niveau van scholieren”, aldus Maarten Moll in Het Parool. Zelf zie ik het eerder als aandoenelijk eenvoudig Nederlands van een geïmporteerde schrijver. En zowaar heeft Kader Abdolah zich eens bij uitzondering wel aan het boekenweekthema, Geschreven portretten, gehouden.

Al met al is De kraai een heel aardig geschenk geworden, qua verhaal niet heel anders dan De reis van de lege flessen, van een Perzische schrijver die een eerbetoon uitbrengt aan de Nederlandse literatuur.

(Kader Abdolah – De kraai)

Duel

Het boekenweekgeschenk van 2010.
Elke jaar weer hebben de christelijke boekhandels wel wat aan te merken op het boekenweekgeschenk, altijd goed voor een boycot en een bijbehorend persbericht. Joost Zwagerman is dit soort critici voor en opent zijn novelle met de zin “Godverdomme, die hand, die vuist!” Als je toch geboycot moet worden, dan maar om een goeie reden.

Eerder dit jaar leende ik Gimmick! bij de bibliotheek. De forum challenge categorie Dichtbij vraagt om een schrijver uit je woonplaats. Dat geeft de keuze uit Joost Zwagerman of ereburgeres Anna Bosboom-Toussaint (Geografisch gezien woon ik dichter bij Sint Pancras dan het centrum van Alkmaar en zou ik nog kunnen smokkelen met Bernlef). Nieuwsgierig of ik Gimmick! nu wel of niet ooit las, koos ik voor Zwagerman. Om na vijftig bladzijden het boek retour te brengen want dat boek is echt niet om te harden. Duel is dus een herkansing, anders moet het toch Bosboom-Toussaint worden. Als dan op bladzijde 14 van Duel de namen Walter van Raamsdonck, Massimo Groen en Theo Eckhardt tegenkom, personages uit Gimmick!, vrees ik het ergste, zeker in combinatie met die veranderde namen voor het Stedelijk museum, het Rijksmuseum en de Kunsthal. Maar uiteindelijk weet het verhaal toch te overtuigen.

Of misschien niet eens zozeer het verhaal, als wel alle kennis over moderne kunst. In Duel versmelt op aangename en overtuigende wijze Joost de romancier met Joost de essayist. Jammer dat het Stedelijk museum nog altijd niet open is, anders ging ik er vandaag nog langs.

(Joost Zwagerman – Duel)

Oeroeg

Eindelijk eens een boek voor Nederland leest waarvan ik denk, kom, laat ik dat eens lezen. En ook nog eens het boekenweekgeschenk van 1948. Ondanks dat er nu 923.000 worden weggegeven, en toen in ’48 toch ook al gauw een paar honderdduizend vermoed ik, blijkt deze uitgave van Oeroeg al de 48ste druk te zijn. Rare manier van debuteren ook trouwens.

Oeroeg is voor mij vooral een blik op het koloniale verleden. Zelf heb ik niets met Indonesië, en nog minder met Nederlands-Indië. Wonderlijk vooral dat na de tweede wereldoorlog zoveel moeite is gedaan om dat te behouden.

Nou ja, aardige roman, en misschien zelfs wel herlezingswaardig, maar om hier nu met half Nederland over in discussie te gaan? Nee bedankt.

(Hella S. Haasse – Oeroeg)

Een tafel vol vlinders

Het boekenweekgeschenk van 2009.
Van Tim Krabbé las ik eerder Het gouden ei, De renner en 43 wielerverhalen. Van Het gouden ei staat mij weinig meer bij (maar het is dan ook zo’n 20 jaar geleden dat ik die las), en De renner moest maar weer eens herlezen worden.

Een trein vol vlinders

Ook ik gebruikte het boekenweekgeschenk dit keer als treinkaartje. Eigenlijk best toepasselijk, een boek over een reisboekenschrijver als treinkaartje gebruiken. Bovendien, niet eerder heb ik zo rustig in de trein kunnen lezen. Eindelijk was iedereen stil.

Het verhaal zelf bestaat uit twee delen waarvan ik het eerste deel maar niks vind, de vader/zoon relatie van Tim Krabbé is een stuk sentimenteler dan de moeder/dochter relatie bij Anna Enquist. Het tweede gedeelte, het dagboek van zoon Bram, maakt echter een hoop goed. Nou ja, op die dag nul na dan.

(Tim Krabbé – Een tafel vol vlinders)