Mim

Waar een jarige Harry Mulisch al niet goed voor is. Een nieuw deeltje Homo Duplex bijvoorbeeld. A.F.Th. schreef ter ere van Harry’s 80ste verjaardag de novelle Mim.

Mim is een Oidipous hervertelling in het alternatieve universum van Homo Duplex. Blijkbaar heeft dat er altijd al ingezeten, Oidipous betekent letterlijk gezwollen voeten terwijl Tibolt Satink door het leven gaat als Movo, de afkorting voor moeilijke voeten. Het Hellegatsplein, waar Movo in een veldslag tussen aanhangers van de kern en de pit zijn vader vermoord, is de driesprong uit het Oidipous verhaal, en mooie Thierry, blind na door hells angels in het frituurvet gedoopt te zijn, speelt de rol van de blinde ziener Tiresias. Thebe is dan Erdam, met supportersrellen als plaag.

Drijfzand koloniseren was de A.F.Th. versie van Antigone, Mim is dus Koning Oidipous. Vermoedelijk komt er nog wel een novelle uit waarin Oidipous te Kolonos centraal staat. Nu alleen nog een gelegenheid vinden om die novelle te laten verschijnen.

(A.F.Th. van der Heijden – Mim)

Hier viel Van Gogh flauw

Een beetje dubbel gevoel hou ik over aan Hier viel Van Gogh flauw | Frans dagboek van A.F.Th. van der Heijden. Enerzijds een fascinerende inkijk in de keuken van een groot schrijver, anderzijds een wel heel fragmentarisch stapeltje autobiografische aantekeningen.

Om met het laatste te beginnen. Bij het woord dagboek verwacht ik een chronologisch overzicht over een periode. Zoals Jan Wolkers zijn dagboeken schrijft. Elk dag, “al is het maar het medicatie gebruik“. Van der Heijden heeft het over aantekeningen die “uitgewerkt” moeten worden. Lappen tekst zijn het, met complete gesprekken minutieus uitgewerkt.

Ik begin te schrijven: eenvoudige aantekeningen over het begin van deze dag, in de hoop dat ik tzt (liefst in een verre toekomst) flarden van deze dag heel helder, tot in het kleinste detail voor me zal zien. IJdel bedrijf.

Goed, het moge vreemd lijken, een dag zo tot in detail te willen vasthouden in machteloze taal; veel vreemder is het nog een ooit intens beleefde dag geheel en al kwijt te zijn, compleet uit het geheugen gewist.

Minutieus en tegelijkertijd fragmentarisch. Dit Frans dagboek betreft slecht notities gemaakt tijdens vakanties in Frankrijk. Van 1969 tot 1999. Maar dan ook weer niet iedere vakantie in Frankrijk in die dertig jaar. Of de volledige vakantie van een bepaald jaar. Fragmentarisch dus.

Wat het evengoed wel de moeite waard maakt is de herkenbaarheid van sommige scènes, de ontmoeting met Leentge in 1973 wat terugkomt in Vallende ouders, en de werkzaamheden aan diverse romans, in 1987 Advocaat van de hanen en in 1989 Weerborstels.

En fascinerend, zo’n ogenschijnlijk onschuldige gebeurtenis in Parijs, 7 mei 1987, zittend in Café Wepler:

Aan mijn glas zuigend kijk ik naar buiten, waar net de zon is doorgebroken. In het strijklicht passeert, dicht langs de grote ruit van Wepler, Roman Polanski. Ik heb zijn autobiografie uit 1984 gelezen, dus ik had (hoewel zijn mededelingen daarover schaars en weggemoffeld zijn) bedacht kunnen zijn op zijn geringe lengte. Hij is zeker niet groter dan 1 m 57 – en met die constatering doet de verticale meetlat zijn intrede in ‘s mans tragedie. De moordenaar van zijn vrouw, Charles Manson, meet naar eigen zeggen ’1 m 56, maar dan moet ik wel een beetje smokkelen door mijn hielen van de grond te doen’.
De regisseur is alweer voorbij. Hij liep snel, het hoofd ietwat achterover, Pinocchioneus in de wind. Bestaat het, ook buiten de banale synchroniciteit, dat twee even oude mannen van gelijke, ongewone lengte (nauwelijks groter dan dwergen), de een uit communistisch Polen komend, de ander uit federale kerkers in de VS, elkaar zonder het zelf te weten jarenlang zoeken – om elkaars leven onherstelbaar te penetreren? Dubbelgangers, de een uit het goede hout gesneden, de ander rot als een mispel.

Waar dit gedachte experiment toe zou leiden is inmiddels bekend.

(A.F.Th. van der Heijden – Hier viel Van Gogh flauw)

Het schervengericht

Het werd geen mei, maar maart voor Het schervengericht van A.F.Th. verscheen. Het was het wachten waard. Fictie, non-fictie en thriller in een. En ondanks dik 1000 bladzijden compacter dan het 0 deel De Movo tapes.

Veel duidelijker is het er trouwens niet op geworden, deze Homo duplex reeks. Waar het in De Movo tapes en in Drijfzand koloniseren nog leek te gaan om Movo (Reinier Mombarg/Tibbolt Satink), lijkt het na Het schervengericht de griek (Apollo, QX-Q-8, Spiros Agraphiotis) en zijn pogingen om de mensheid tot de ondergang te brengen die centraal staan in deze romancyclus. Met de stadstaten Amsterdam en Rotterdam als navel van de wereld.

Veel duidelijker zal het voorlopig ook niet worden, denk ik. Dit keer geen uitgebreide lijst met te verwachten titels achterin het boek, wel een verklaring van de auteur:

Het schervengericht is onderdeel van de romancyclus Homo duplex. Ik heb besloten de afzonderlijke romans (op het al verschenen deel 0, De Movo tapes, na) pas in een dwingende volgorde te plaatsen na voltooiing en verschijning van de complete reeks.

Of zoals Remo Woodhouse het zegt in Het schervengericht:

Ik zal in eerste instantie niet chronologisch te werk gaan, maar de verschillende episodes van arrestatie en berechting opschrijven in de volgorde zoals ze me voor de geest komen. Ordenen kan later nog.

Dat kan dan nog heel wat jaren duren, als een volgend deel weer vier jaar op zich laat wachten. Aan de andere kant was het het wachten meer dan waard. Ik wacht rustig af op dat wat komen gaat.

(A.F.Th. – Het schervengericht)

Paralipomena orphica

Ik lees de nieuwe dikke roman van A.F.Th. momenteel, en hoewel dat inhoudelijk lekker weg leest, leest het praktisch gezien minder lekker. Ruim een kilo papier op schoot is niet alles, zoals ik al eens eerder opmerkte. Dus komt er van alles voorbij, vooral korte, dunne dingen.

In een promopraatje op bol.com geeft A.F.Th. (“De geboorte van een schrijver betekent vaak de dood van een lezer”) zijn top 5 favoriete Nederlandse boeken. Op 3 staat Paralipomena orphica (momenteel niet leverbaar) van Harry Mulisch.

Ik las het titelverhaal uit die bundel, want te vinden in de dikke, gesigneerde, bundel De Verhalen. (een dik boek inruilen voor een ander dik boek, consequent gedrag is ver te zoeken hier)

Het begint geweldig, opvallend veel humor, het eindigt vaag en enigszins teleurstellend. Lang niet zo goed als het bekende (verfilmde) korte verhaal De kamer.

De bundel Paralipomena orphica bestaat verder uit Anekdoten rondom de dood (ooit gekocht, nooit gelezen) en Blik op de dichter dood (in memoriam Ed. Hoornik). Voor die laatste paar bladzijden zou ik dus minimaal 35 euro over moeten hebben bij een antiquariaat.

(Harry Mulisch – Paralipomena orphica)

De sandwich

Op zolder bleek ik nog een boek te hebben liggen van van der Heijden. De sandwich als grote lijster.
Een autobiografisch verhaal waarin de schrijver de herinnering van een jeugdliefde en een jeugdvriend samenvoegt. Na lezing blijkt veel autobiografisch te zijn, ook een Tandeloze tijd en een Homo duplex. Misschien kun je ook wel niet niet autobiografisch schrijven.

Het meisje begon zich vriendelijk te veronschuldigen. Ze had het over een operatie “die al geweest was” en een die “nog komen moest”. Ze had een ongelukkige voet. Ze liep mank. Geen kreupele kunnen ontmoeten zonder over voeten te praten: ook hier weer.
[De sandwich, grote lijster 9205, blz 80]

Ik kwam ter wereld met kapotte voetjes, dat is waar, maar ze raakte pas kort voor de geboorte gewond. Op de vierde november 1973 werd door een fee met een mondkapje voor, geen goede en geen kwade, beschikt dat ik voor de rest van mijn leven zou moeten proberen de dans met logge voeten te ontspringen.
[De Movo tapes, 4de druk, blz 275]

Zo’n grote lijster leest trouwens rampzalig, het boek staat bol van de druk- en zetfouten.

(A.F.Th. van der Heijden – De sandwich)