Niets dan geesten

Zomerhuis, later van Judith Hermann was één van die aangename verrassingen in de Bekroond Europa reeks. Het maakte nieuwsgierig naar haar tweede verhalenbundel Niets dan geesten. Na lezing blijkt dat een ander boek te zijn.

De muziek ontbreekt dit keer. Of, het is er nog wel maar minder herkenbaar. Meer als achtergrondruis. Een jukebox in een kroeg in de woestijn, een radio in de keuken, een wereldontvanger, een cd, niet nader genoemd, van Nick Cave in een koffer.
Berlijn is ook verder weg. De personages komen er vandaan maar bevinden zich nu in Reykjavik, Austin Nevada, Tromsø, Venetïe, Karlovy Vary.

De verhalen zijn minder verrassend ook, inwisselbaar. Als ik de titels van de verhalen nu bekijk weet ik al geen eens meer welk verhaal er bij hoort. Het is allemaal nogal melancholisch, veel terugdenken aan niet beantwoorde liefdes en het waarom daarvan.

Blijft het feit over dat Hermann als geen ander hele mooie zinnen weet te schrijven, zinnen met een soort overtreffende trap:

Ik had dat walgelijk kunnen vinden, ik vond het niet walgelijk, ik begreep het, ik begreep er iets van.

of:

Ze wist niet zeker wat hij van haar wilde, zei ze, ze zie “Misschien wil hij me alleen maar in bed krijgen”.

Maar veel mooie zinnen maakt nog geen mooi boek.

(Judith Hermann – Niets dan geesten)

Zomerhuis, later

Boeken waarin muziek een rol speelt hebben bij mij altijd een streepje voor.

Zomerhuis, later van de Duitse schrijfster Judith Hermann begint met een motto uit een liedje van Tom Waits. In de negen daarop volgende verhalen klinkt met regelmaat muziek. Harry Belafonte in Orkaan (something farewell), Tom Waits in Sonja, Ween met “Buenos Tardes, Amigos” in Balivrouw, Wohltemperiertes Klavier van Bach door Glenn Gould in Hunter-Tompson-muziek, en meer Ween, meer Bach, David Bowie en Trans AM in het titelverhaal. Kortom, zo’n boek waarbij je een booknote interview zou willen lezen zoals Largehearted Boy die regelmatig plaatst.

Maar het is niet alleen de muziek die het een prettige leeservaring maakt, het zijn bovenal de verhalen. Grote-steden-verhalen, mensen-van-nu-verhalen. Geen moment heb je het idee het trucje van de schrijver nu wel te kennen, elk verhaal is weer verrassend anders. Het doet dan ook verlangen naar de tweede bundel verhalen die zij schreef, Niets dan geesten.

(Judith Hermann – Zomerhuis, later)