Een vrouw

De negatieve recensies van Parool recensent Arie Storm zorgden er voor dat ik eigenlijk geen zin meer had om de verjaardagsnovelles voor Harry Mulisch te lezen, en in sommige gevallen zelfs te kopen. Een vrouw van Marcel Möring had ik al wel gekocht, literaire kitsch volgens Arie Storm.
Nu de CPNB echter bekend heeft gemaakt dat in de campagne Nederland leest 2008 Twee vrouwen van Harry Mulisch centraal staat, leek het me toch wel aardig om dat vervolg van Marcel Möring te lezen.
En zo slecht is Een vrouw nu ook weer niet. Natuurlijk heeft Möring betere boeken geschreven, en natuurlijk is het geen Mulisch. En ja, er zitten wat intertekstuele grapjes naar Mulisch en zijn werk in verwerkt, maar daar is het dan ook een eerbetoon aan jarige schrijver voor. Al met al iet onaardig als tussendoortje.

(Marcel Möring – Een vrouw)

De asielzoeker

Het zal eind 2003 zijn geweest dat ik De asielzoeker van Arnon Grunberg las. Ik vond het nogal tegenvallen, toen. Maar goed, zo’n boek krijgt de AKO literatuurprijs 2004 (Ik ben echt heel blij en zal dit moment in een taxi in Bolivia niet snel vergeten), en vorig jaar werd er zelfs een succesvol toneelstuk van gemaakt, zo succesvol dat het stuk nog eens gespeeld gaat worden het aankomende seizoen. Misschien heb ik het verkeerd gelezen, toen?

Ook De asielzoeker is nu in de AKO literatuurprijs reeks verschenen, reden om het boek nu nog eens te lezen. En wederom kom ik tot de conclusie dat ik dit Grunbergs minste roman vind. De eerste twee hoofdstukken zijn goed, eigenlijk had het daarbij moeten blijven, dan zou het een perfect kort verhaal geweest zijn. Dan volgen er nog negen hoofdstukken die wel aardig zijn en een aanvulling vormen op de eerste twee. Had Grunberg het daarbij gelaten dan was misschien een “wel aardige” roman geweest. Maar nog is het niet gedaan. Er volgen nóg drie hoofdstukken en eigenlijk is het een wonder dat het daarbij gebleven is. Wat ontbreekt is de humor en de filosofie waardoor Grunbergs andere romans wel de moeite waard zijn.

Ik blijf me verwonderen over het feit dat dit boek bekroond werd, en De Joodse Messias niet. Ook als je het bijgevoegde jury rapport, dit keer weer wel een echt jury rapport, leest. Van de andere vijf genomineerde las ik slechts Buiten is het maandag van Bernlef, maar dat is absoluut een beter boek. Maar ook Bernlef won al eens eerder met Publiek geheim.

Over de uitgave: De asielzoeker is het negende deel in de AKO literatuurprijs reeks. Eerder las ik deel een, Het grote verlangen van Marcel Möring. Dit keer geen storend aantal zetfouten.

(Arnon Grunberg – De asielzoeker)

Lijdenslust

Het Maand van de filosofie essay 2006. Een pleidooi voor het lijden, zonder lijden geen leven. En: “Er is geen geluk. Er is alleen maar leed. Geluk is leed dat kortstondig wordt vergeten ten behoeve van de eigen, even kortstondige, zielenrust.” Ik kan mij daar wel in vinden. Zelf beschouw ik geluk vaak als een berg in een wielerparcours. Met bloed, zweet en tranen klimt de wielrenner er tegenop. Aan de top een kort moment van geluk, even de benen stil. Daarna wacht de afdaling, verraderlijke bochten, de kou die je door de hoge snelheid extra goed voelt. En eenmaal beneden wacht een nieuwe beklimming. Zonder lijden geen wielrennen.
Aardig is dat Marcel Möring zijn pleidooi voorziet van fragmenten uit zijn romans, het fragment van Pico della Mirandola uit Het grote verlangen bijvoorbeeld. En zo levert dit essay een kijkje in keuken van een groots schrijver.

(Marcel Möring – Lijdenslust)

Het grote verlangen

Na een bladzijde of twintig vraag ik mij af, “waar gaat dit boek eigenlijk over?” Ik kijk achterop, maar daar staat slechts een fragment uit het juryrapport. Niks over de inhoud, een minpuntje van deze uitgave.
In 1993 won Marcel Möring de AKO literatuurprijs met Het grote verlangen. Ten faveure van De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch. Iris Pronk maakte zich er vorig jaar in Trouw nog druk om: “Dat ‘De ontdekking van de hemel’ (1992) van Harry Mulisch nooit werd bekroond, is een misser van formaat. De roman werd wel genomineerd voor de Libris Literatuurprijs 1993, maar moest het afleggen tegen ‘Het grote verlangen’ van Marcel Möring. Dat is een uitstekende debuut roman, maar kan niet zwaarder wegen dan Mulisch’ magnum opus.” (Trouw 22-10-2004) Ik weet nog dat ik er zelf in 1993, als groot Mulisch fan, ook zo over dacht. [Iris Pronk maakte zich dan wel druk, research is niet haar sterkste kant, Het grote verlangen was geen debuut, en het betrof de AKO, niet de Libris, literatuurprijs]
Maar nu, zoveel jaar later en na lezing van Het grote verlangen, besef ik dat dat onzin is. Het grote verlangen is óók een groots boek. Lang niet zo dik, lang niet zo doordacht, maar evengoed groots.
Het verhaal zelf dan. Het leest als een thriller. Op twaalf jarige leeftijd verliest Sam zijn ouders en zijn herinneringen. Zijn tweeling zus vult de gaten, maar langzaam, heel langzaam komt hij achter de waarheid. Daar doorheen zijn, als voorbode van wat Marcel Möring in In Babylon nog veel beter zou doen, allerlei verhalen verweven.

Een woord nog over de uitgave. Sympathiek van AKO om een aantal prijswinnaars nog eens in het zonnetje te zetten, maar dat had wel wat zorgvuldiger gemogen. Geen synopsis op de achterflap is al een minpuntje, en daar komt een storend aantal zetfouten bij (ik noem een straadantaarn, blz 165, als voorbeeld). Daar staat tegenover een vriendelijke prijs, €7,95, en de toevoeging van het juryrapport, waarin de keuze tussen Mulisch en Möring duidelijk gemaakt wordt, aardig om nog eens te lezen na zoveel jaar.

Vanavond wordt bekend gemaakt dat Tommy Wieringa de AKO literatuurprijs 2005 gewonnen heeft.

(Marcel Möring – Het grote verlangen)